Wat erfde de Ferrari 296 GTB van de Dino 246 GT?

Nieuws

Wat erfde de Ferrari 296 GTB van de Dino 246 GT?

Door · · 3 min

De Ferrari 296 GTB deelt met de Dino 246 GT vooral een basisidee: een relatief compacte sportwagen met een zescilinder direct achter de inzittenden. De verwantschap zit in proporties en positionering, niet in rechtstreeks overgenomen techniek. Juist dat onderscheid laat zien hoe Ferrari een historisch concept opnieuw kan invullen.

Waarom stond er geen Ferrari op de Dino 246 GT?

Op de neus van de Dino 246 GT stond een Dino-embleem, omdat Ferrari zijn zescilinderstraatauto’s onder een afzonderlijke naam presenteerde. Die naam verwees naar Alfredo ‘Dino’ Ferrari, de zoon van Enzo Ferrari. Daardoor begon een van de herkenbaarste sportwagens uit de geschiedenis van het huis zijn bestaan zonder de gebruikelijke Ferrari-identiteit op de carrosserie.

De in 1969 verschenen 246 GT volgde de Dino 206 GT op. Zijn 2,4-liter V6 leverde 195 pk, maar belangrijker voor zijn historische betekenis was de plaatsing: achter de inzittenden, vóór de achteras. Ferrari had met middenmotoren al race-ervaring opgedaan. De Dino maakte deze indeling onderdeel van een sportwagen voor de openbare weg.

Wat veranderde de middenmotor aan het ontwerp?

De middenmotor gaf de Dino een lage neus en een cabine die relatief ver naar voren kon staan. Er hoefde immers geen lang motorblok onder de voorklep te passen. Pininfarina verbond die indeling met gewelfde spatborden, luchtinlaten achter de portieren en een achterruit die tussen de uitlopers van het dak lag.

Die vormen waren niet alleen versiering. De luchtinlaten bedienden de motorruimte, terwijl de carrosserie rond de achterwielen zichtbaar volume kreeg voor de techniek erachter. De dwars geplaatste V6 hielp het geheel compact te houden. Zo ontstond een herkenbaar silhouet waarin de positie van de inzittenden en de motor vrijwel zonder technische uitleg afleesbaar is.

Ferrari Dino 246 GT, foto 2

Hoe sterk lijkt de Ferrari 296 GTB technisch op de Dino?

Technisch is de Ferrari 296 GTB geen doorontwikkeling van de Dino-motor: de overeenkomst begint bij zes cilinders en een middenmotor, maar houdt daar grotendeels op. De 296 combineert een 3,0-liter V6 met twee turbo’s en elektrische ondersteuning. Zijn systeemvermogen bedraagt 830 pk, tegenover de 195 pk van de atmosferische Dino.

Ook de installatie verschilt fundamenteel. In de 296 ligt de verbrandingsmotor in lengterichting en staan de cilinderbanken onder een hoek van 120 graden; de Dino gebruikt een dwars geplaatste V6 met een hoek van 65 graden. De elektromotor en tractiebatterij voegen bovendien functies toe die de klassieke auto niet kende, waaronder volledig elektrisch rijden.

Daarmee is de 296 vooral een conceptuele verwant. Beide auto’s laten zien dat een zescilinder binnen Ferrari’s wereld een zelfstandige sportwagen kan dragen, in plaats van slechts een alternatief voor een grotere motor te zijn. De historische verschuiving is zichtbaar op de neus: waar de Dino een afzonderlijk embleem kreeg, draagt de 296 vanzelfsprekend Ferrari’s naam.

Ferrari Dino 246 GT, foto 3

Een erfenis zonder letterlijke kopie

De blijvende invloed van de Dino zit vooral in het sportwagenconcept dat hij hielp vestigen, niet in een rechtstreeks gekopieerde carrosserie. Het is verleidelijk iedere ronde lijn van de 296 aan de 246 toe te schrijven. Ferrari noemt voor het ontwerp van de 296 echter ook expliciet de 250 LM als historische inspiratiebron.

Voor liefhebbers maakt juist dat onderscheid de Dino interessant. Zijn betekenis berust niet op de suggestie dat een moderne Ferrari hetzelfde rijdt of dezelfde techniek gebruikt. Hij liet zien hoe een compacte zescilinder, een middenmotorindeling en zorgvuldig gevormde carrosserie samen een overtuigende identiteit konden krijgen. De 296 geeft dat uitgangspunt een andere technische invulling, zonder het oude recept letterlijk te herhalen.

Veelgestelde vragen

Waarom heet de Dino 246 GT geen Ferrari?

Ferrari presenteerde zijn zescilinderstraatauto’s onder de afzonderlijke naam Dino. Die verwees naar Alfredo ‘Dino’ Ferrari, de zoon van Enzo Ferrari. De 246 GT droeg daarom een Dino-embleem in plaats van de gebruikelijke Ferrari-identiteit.

Welke motor heeft de Dino 246 GT?

De Dino 246 GT heeft een atmosferische 2,4-liter V6 met 195 pk. De motor ligt dwars achter de inzittenden en vóór de achteras.

Gebruikt de Ferrari 296 GTB dezelfde motortechniek als de Dino?

Nee. De 296 heeft een in lengterichting geplaatste 3,0-liter V6 met twee turbo’s en elektrische ondersteuning. De Dino heeft een dwars geplaatste atmosferische V6. Hun verwantschap betreft vooral het concept van een zescilinder-middenmotorsportwagen.

Is het ontwerp van de Ferrari 296 GTB rechtstreeks op de Dino gebaseerd?

De Dino en 296 delen een basisconcept en daarmee verwante proporties, maar de 296 is geen letterlijke ontwerpvertaling van de Dino. Ferrari noemt ook de 250 LM als historische inspiratiebron voor zijn vormgeving.

Bronnen

Alle Ferrari-auto's op ExclusieveAuto.nl →

Dit artikel is met hulp van AI opgesteld en door de redactie gecontroleerd. Redactiebeleid

Terug naar nieuws

Lees ook